stil, alsof ze getuigen waren van iets wat ik nog niet kon begrijpen.
Toen ik eindelijk aankwam, kreeg ik kippenvel bij de aanblik van het huis. Het zag er oud uit, maar niet verwaarloosd. De grote ramen vingen het licht op en de pas geschilderde veranda contrasteerde met het met mos bedekte dak, wat het een bijna sprookjesachtige charme gaf.
Toch werd de onrust in mijn borst steeds zwaarder.
‘Dit is het dan,’ mompelde ik tegen mezelf, terwijl ik de sleutel die de notaris me had gegeven stevig
vastgreep.
De